de Beurs Zwolle

Komende zomer is het vijf jaar geleden dat Judith van Rooijen aan een nieuw traject in haar leven begon: horecaondernemer. Wat heeft deze move haar gebracht en belangrijker, hoe gaat zij verder na een pandemie die wereldwijd voelbaar was en is. Een ding staat als een paal boven water; de gezelligheid in de stad keert terug.

De Beurs ligt er mooi bij als de eerste zonnestralen ook het terras van deze horecastek weten te vinden. Op een woensdagochtend tegen tien uur in de ochtend, Zwolle ontwaakt, arbeid adelt. Zeker op en rond de locatie van de Beurs want de herinrichting van dit deel van de stad nadert z’n voltooiing. Judith van Rooijen, eigenaresse van de Beurs, zet het terras buiten neer. Nog geen geluid van klinkende glazen, wel veel bouwverkeer. Terwijl de eerste gasten op het terras een plekje zoeken, zijn er twee dames die liever binnen zitten. Van Rooijen wijst ze naar de glazen uitbouw aan de zijkant, de serre. “Mooi plekkie”, zegt een van de dames. Van Rooijen: “er heerst hier volop bedrijvigheid. Binnenkort is het klaar en volgende maand wordt het Museumkwartier officieel geopend. Ik ben er blij mee. Neem ons terras, deels opgehoogd en met de fontein ziet alles er gewoon beter uit.”

Spaarpotje
Over de afgelopen vijf jaar. “Gek hè maar het voelt niet als vijf jaar. Eerder drie jaar. Daarna begon corona en dat heeft een behoorlijke impact gehad op mijn bedrijfsvoering. Mijn eerste horecajaren was het vooral verkennen en bouwen aan een situatie zoals mij die voor ogen stond. Een echte lunch, kwaliteit bieden met brood van de Stadsbakker. Dat liep goed, vooral onze club sandwich en onze pita pull pork waren hardlopers. Dan begint corona. Juist na een maand waarin wij heel goed gedraaid hebben. Ik was dankbaar voor de overheidssteun maar heb de afgelopen twee jaar wel mijn spaarpotje moeten aanspreken. Gelukkig is die periode voorbij. Wat ik toen vooral heb gemist is de gast. Het leuke van dit werk is voor mij namelijk de gast. Hem of haar vertroetelen door personeel die het werken ziet als een verjaardagsfeestje. Iedere dag weer. Helaas heeft corona ook gezorgd voor een personeelstekort. Dat geldt voor mij maar ook bij veel collega’s.”


Kermis
Horeca is hard werken en toch vindt Van Rooijen tijd om naast haar drukke werkzaamheden ruimte vrij te maken voor secretariële werkzaamheden binnen de Horeca Evenementen . “Men heeft mij vorig jaar gevraagd voor het secretariaat. Ik zei ja want die ambitie heb ik ook. Kennelijk speelt mijn voorgeschiedenis als officie manager daarbij parten.
Deze functie binnen de Gast vrij Zwolle biedt mogelijkheden om mijn netwerk te vergoten en anderzijds weet je vaak als eerste wat er speelt in jouw stad. Ook ben ik toegetreden tot het bestuur van Keurmerk Veilig Uitgaan Zwolle (KVUZ). Laatst hoorde ik iemand zeggen, wat doe jij veel. Dat klopt maar zo ben ik. Ik hou van korte looplijnen en zoek de verbinding. Dat de kermis nu definitief in park de Wezenlanden wordt gehouden, vind ik een logisch gevolg van diverse ontwikkelingen. De kermis is gewoon te groot voor de binnenstad geworden. De win-win situatie was er niet meer. Het zat elkaar in de weg. Nu is het de kunst om de koppeling te zoeken zodat mensen na de kermis een drankje in de binnenstad gaan doen. Of andersom.”

Zingen
Vrijetijd, je zou denken dat Van Rooijen dat niet heeft want na werktijd wacht thuis ook nog eens het gezin. Dan blijkt dat een dag voor Van Rooijen wellicht meer dan 24 uren telt. Eens was zij de zangkoningin bij coverband The Fax uit Zwolle. Of zij het zingen mist? “Met die band heb ik een leuke tijd gekend. En het podium, ja dat blijf je altijd wel missen. Ik herinner mij
nog mijn laatste optreden. Eind jaren ’90, ik was zwanger, sommigen vonden dat je dan niet meer op een podium moet staan. Maar wij hadden zo’n leuke band, nooit haat of nijd. Wie weet komt er nog een hereniging. In de auto naar huis zing ik nog steeds. Mijn stembanden blijven intact …
Prev Solidariteitsmars voor Oekraïne
Next Aan tafel met Laura en Vincent van restaurant Noïs

Comments are closed.

NO COPY !